Verlaagt of verlaagd: wanneer gebruik je welke vorm?

Verlaagt of verlaagd: beide vormen bestaan, en welke je nodig hebt hangt af van de rol van het woord in de zin. Verlaagt met -gt is de persoonsvorm in de tegenwoordige tijd: hij verlaagt, zij verlaagt, de winkel verlaagt de prijs, u verlaagt uw kosten. Verlaagd met -gd is het voltooid deelwoord, dat je gebruikt na een hulpwerkwoord als hebben, zijn of worden: de prijs is verlaagd, ze hebben de huur verlaagd, het tarief wordt verlaagd. Ook als bijvoeglijk naamwoord gebruik je de d-vorm: een verlaagd plafond, een verlaagde prijs. De vuistregel: gebeurt het nu en doet iemand of iets het zelf? Dan verlaagt. Is het al gebeurd of staat er "is", "wordt" of "heeft" voor? Dan verlaagd.

Wanneer schrijf je verlaagt met -gt?

Verlaagt is stam plus t. De stam van verlagen is "verlaag", en in de tegenwoordige tijd krijgt de derde persoon enkelvoud (hij, zij, het, men) en de beleefdheidsvorm u daar een t achter. Dat is dezelfde regel als bij "hij loopt", "zij werkt" en "het regent". Enkele voorbeelden:

  • De supermarkt verlaagt de prijzen van groente en fruit.
  • De bank verlaagt de rente op spaarrekeningen.
  • Die medicatie verlaagt je bloeddruk.
  • Als je thermostaat een graad lager zet, verlaagt dat je energierekening.

Bij "jij" let je op de volgorde: "jij verlaagt" met t, maar "verlaag jij" zonder t als het onderwerp achter het werkwoord staat. En "ik verlaag" krijgt nooit een t.

Wanneer schrijf je verlaagd met -gd?

Verlaagd is het voltooid deelwoord. Omdat verlagen met ver- begint, krijgt het geen ge- ervoor, en omdat de stam op een g eindigt, volgt de uitgang -d (volgens de regel van 't kofschip: de g staat daar niet in, dus geen t maar d). Je gebruikt verlaagd in voltooide tijden en in de lijdende vorm:

  • De gemeente heeft de parkeertarieven verlaagd.
  • De maximumsnelheid is vorig jaar verlaagd.
  • De drempel wordt verlaagd zodat meer mensen in aanmerking komen.
  • Het verlaagde btw-tarief geldt voor boeken en voedingsmiddelen.

In het laatste voorbeeld is verlaagd een bijvoeglijk naamwoord geworden. Het krijgt dan een extra e als het bij een de-woord of een meervoud staat (de verlaagde prijs, de verlaagde tarieven), maar de d blijft altijd staan.

Hoe controleer je het snel?

Vervang verlagen in gedachten door een werkwoord waarbij je het verschil wel hoort, bijvoorbeeld "verkopen". Zou je "hij verkoopt" schrijven? Dan is het verlaagt. Zou je "hij heeft verkocht" of "het is verkocht" schrijven? Dan is het verlaagd. Dit vervangtrucje werkt bij alle werkwoorden waarvan de t- en de d-vorm hetzelfde klinken, zoals betalen (betaalt/betaald), vertragen (vertraagt/vertraagd) en verhogen (verhoogt/verhoogd).

Een tweede check: staat er een hulpwerkwoord in de zin? Zie je "is", "wordt", "heeft", "had" of "zijn" in de buurt van het woord, dan is de kans groot dat je het voltooid deelwoord nodig hebt en dus verlaagd schrijft. Staat het woord alleen, direct na het onderwerp, dan is het de persoonsvorm verlaagt.

Welke fouten komen het meest voor?

De meest gemaakte fout is "de prijs is verlaagt". Mensen horen de t aan het einde en schrijven die op, terwijl het hulpwerkwoord "is" verraadt dat het om een voltooid deelwoord gaat. Andersom komt "de winkel verlaagd de prijs" ook geregeld voor, vooral bij snelle berichten en in advertenties. Een derde valkuil is de verleden tijd: dat is "verlaagde", met -de, dus "de bank verlaagde vorige maand de rente". Daar hoor je het verschil wel, maar in de haast ontstaat soms "verlaagte", wat nooit goed is.

Spellingcontrole in je tekstverwerker vangt deze fouten lang niet altijd af, omdat verlaagt en verlaagd allebei correcte woorden zijn. De computer kijkt niet of de vorm grammaticaal klopt. Lees je tekst daarom na met de vraag: wie doet het nu (verlaagt), of is het al gedaan (verlaagd)?

Hoe zit het met de verleden tijd en het meervoud?

In de verleden tijd gebruik je verlaagde (enkelvoud) en verlaagden (meervoud): "de winkel verlaagde de prijs", "de banken verlaagden de rente". Omdat de stam op een g eindigt, is de uitgang -de en niet -te. In de tegenwoordige tijd meervoud is het gewoon verlagen: "wij verlagen de kosten", "de gemeenten verlagen de tarieven". Daar speelt de kwestie t of d dus helemaal niet. De verwarring beperkt zich tot het enkelvoud in de tegenwoordige tijd (verlaagt) en het voltooid deelwoord (verlaagd), omdat alleen die twee vormen hetzelfde klinken.

Een handig overzicht om te onthouden: ik verlaag, jij verlaagt, hij verlaagt, wij verlagen, ik verlaagde, wij verlaagden, ik heb verlaagd. Schrijf dit rijtje een keer op en je ziet meteen dat de d-vorm maar op één plek voorkomt, namelijk helemaal aan het einde als voltooid deelwoord.

Waar vind je de officiële regels?

De vervoeging van verlagen staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal op woordenlijst.org, het officiële Groene Boekje. Voor uitleg over de werkwoordspelling, inclusief 't kofschip en de dt-regels, kun je terecht bij Taaladvies van de Taalunie en bij Onze Taal. Een compact overzicht van de regels met voorbeelden vind je ook op Wikipedia. Wil je oefenen, dan heeft Beter Spellen dagelijkse oefeningen waarin dit soort werkwoordsvormen regelmatig terugkomen. Zo wordt de keuze tussen verlaagt of verlaagd uiteindelijk een automatisme.